Faalangst op school
Kinderen met faalangst hebben daar vooral last van op school. Daar wordt veel in groepsverband gewerkt en prestaties spelen er een belangrijke rol. De angst voor (negatieve) reacties van klasgenoten en/of leerkrachten is voortdurend aanwezig en alle energie gaat naar de angst om te falen. Dit leidt weer tot het niet meer kunnen uitvoeren van de oorspronkelijke taak waardoor de gevreesde mislukking werkelijkheid wordt. Een vicieuze cirkel die met juiste begeleiding kan worden doorbroken.
Vorm
Om te beginnen is het nodig om de vorm van faalangst te herkennen. Een veelvoorkomende vorm is de cognitieve faalangst waarbij de angst voornamelijk gericht is op opdrachten met een beoordeling, zoals spreekbeurten en toetsen.
Een andere vorm is sociale faalangst. Die ontstaat bij een onveilig gevoel in de groep. Het kind trekt zich terug omdat het bang is voor een reactie vanuit de groep.
Ten slotte kennen we de motorische faalangst die voortvloeit uit het lichamelijk moeten presteren. Het kind kan hierbij letterlijk verkrampen.
Uiten
Om faalangst te kunnen identificeren, moet de leerkracht de uitingsvorm ervan herkennen. Voorheen dachten we het vooral om verlegen, teruggetrokken kinderen ging. Gebleken is dat kinderen hun faalangst ook kunnen verbergen door ander gedrag te vertonen. Voorbeelden: zie onderstaand rijtje.
- Het afhankelijke kind: aanvaardt alle vormen van hulp.
- Het gesloten kind: kan zich niet goed uitdrukken door remmingen.
- Het brutale kind: stelt zich agressief op om angst te verbergen.
- De clown: verbloemt sociale faalangst met humor.
- Het hulpeloze kind: heeft een apathische, verdrietige houding.
- Het superkind: wil altijd aardig gevonden.
- Het spiegelbeeld: gedraagt zich net zoals één van de ouders.
Balans
Kinderen horen dagelijks naast waardering, ook afkeuring en verbod. Dat hoort nu eenmaal bij de opvoeding. Maar faalangstige kinderen hebben vaak alleen maar aandacht voor de negatieve opmerkingen. Ze zoeken bevestiging in hun mislukkingen. ‘Zie je wel, ik kan het toch niet.’ Of: ‘Zie je wel, ze vinden me stom.’
De leerkracht kan veel doen door een balans te zoeken in negatieve en positieve gevoelens.
- Spreek positieve waardering uit, ook als het vanzelfsprekend lijkt. (dank je wel, keurig op tijd e.d)
- Geef regelmatig complimenten.
- Probeer negatieve opmerkingen ook positief te formuleren bijvoorbeeld: ‘Zorg dat netjes werkt’, in plaats van: ‘Je hebt alweer knoeiwerk ingeleverd.’
- Vermijd de woorden ‘altijd’ en ‘nooit’. Deze woorden bevestigen dat het gedrag toch al fout is.
- Ten slotte is het van belang om faalangst bespreekbaar te maken en te houden.
Soms hebben leerkrachten en ouders alles geprobeerd om de cirkel rond faalangst te doorbreken. Zonder positief resultaat. Denk dan eens aan Trimensi. Hier vindt u deskundige hulp om blokkades op te sporen die bepalend zijn bij de faalangst. Zijn de blokkades bekend, dan kan het kind met ouders en leerkracht verder werken aan een verbeterde situatie.
Wat is trimensi
Het pedagogisch adviescentrum Trimensi leidt haar naam af van de Latijnse taal.
Tri
Tri staat voor het cijfer drie. Een belangrijk getal in de werkmethode van Trimensi.
Dit cijfer staat voor de drie pijlers: lichaam, geest en levenskracht.
Pijlers die te allen tijde met elkaar verbonden zijn. Zij...
lees meer
Nieuws
Superleerling gedijt in eigen klasHoogbegaafde Bart (14) op speciale school: "Ik verveelde me soms dood in de klas".
Bart Roest is een bijzondere jongen, dat was halverwege de basisschool wel duidelijk. Hij haalde met gemak de hoogste cijfers en blonk uit in rekenen en taal.
"Ik kon op veel meer dingen antwoord geven dan andere...